Zo! Wat moest ik lachen zonet, zeg! Ik was wat aan het schrijven achter de PC en had een CD van Monty Python opstaan die ik net had teruggevonden (hij stond gewoon op zijn plek, uiteraard). Ineens komt het liedje 'Henry Kissinger' voorbij en een levendige herinnering komt bij me boven: 2001, de School voor Journalistiek, Geschiedenis. Ik zit met J en K in een enorme collegazaal te luisteren naar de docent die vertelt over de Amerikaanse regering. Het was een beetje saai en ik lette maar half op. Het zal ook wel vrijdagmiddag geweest zijn waarschijnlijk...
Op een gegeven moment valt de naam Henry Kissinger en ik schiet uit mijn sluimerende toestand. Het liedje schoot me te binnen en ik kon er niets aan doen: ik moest lachen! J en K keken me bevreemd aan en snel bracht ik ze op de hoogte van het liedje. Het werd van kwaad tot erger: in onze hoofden ontstond een scenario met mij als een soort zingende dirigent, staande voor de collegezaal, terwijl iedereen keihard dat liedje zingt.
Pffff, ik heb toen zo gelachen en het kwam gewoon helemaal terug net. Ik heb gelijk maar even gezocht en: ja hoor! YouTube heeft het liedje natuurlijk! Mèt ondertiteling!
Mijn favorieten:
You're like a German parakeet
en
You've got bigger tits than Cher
Sunday, August 24
Saturday, August 23
Wednesday, August 20
Gasten
Sommigen van jullie weten wellicht dat ik vorig jaar een boekje heb gemaakt met daarin beschrijvingen van diverse soorten gasten die je tegen kan komen als je in de horeca werkt. Het boekje heet '50 Gasten' en, hoe hard ik het ook probeer, ik krijg het maar niet uitgegeven. Jammer jammer jammer.... Maar goed, daar gaat deze blog niet over. Ik werk uiteraard nog steeds in de horeca, dus het is niet zo gek misschien dat ik de laatste tijd weer een stel nieuwe types heb ontdekt. Deze wil ik graag even delen met jullie. Het zijn: de Nestelgast, de Staargast en de Valse Gast.
De Nestelgast
De condities die vereist zijn voor het binnenlopen van een Nestelgast zijn de volgende:
-het is erg ERG rustig
-je hebt geen zin
-je was er al half van overtuigd dat er geen verdere gasten zouden komen
Als deze voorwaarden van toepassing zijn kun je er vrij zeker van zijn dat je een groep Nestelgasten binnenkrijgt. Een groep? Ja! Een groep! Nestelgasten houden zich op in groepen van 5 of meer en doen eigenlijk precies wat hun benaming al suggereert: nestelen.
De groep komt supervrolijk binnen (tot jouw irritatie), is eigenlijk ook superaardig (nog irritanter) en doet helemaal niet moeilijk over waar ze moeten plaatsnemen (grrrrr...). In theorie zouden dit best leuke Gasten zijn, maar de Nestelgast is een speciaal geval: hij bevindt zich eigenlijk alleen in jouw hoofd. Als je goedgehumeurd zou zijn, is een Nestelgast als elke andere Gast, maar in geval van chagrijnigheid ontvouwt hij zich als de meest vervelende gast op een feest: de plakker. En niet de gezellige soort...
De groep neemt plaats aan tafel, begint meteen ontzettend leuk te kletsen, kijkt fijn met zijn allen op de kaart en bestelt opgewekt de drankjes. Kortom: de gasten maken het zich lekker naar de zin en je kunt alleen maar met lede ogen toekijken. Deze onbedwongen gezelligheid werkt je op de zenuwen: je krijgt de indruk dat deze Gasten tot sluitingstijd gaan blijven met al hun leukigheid, fijnheid en opgewektheid. Bah! Die irritante leuke, fijne, opgewekte mensen ook!
Er is niets dat je kan doen aan Nestelgasten. Ja, misschien wel: steek even je hoofd in een emmer koud water en stel je niet zo aan! Uiteindelijk is er niets mis met mensen die met plezier in jouw restaurant uit eten gaan! Besef dat jij ook zo bent als je met je vrienden op stap bent en dat je dan ook geen zin hebt in een chagrijnige ober aan je tafel. Dus, hup! Weg met die omlaaggetrokken smoel en die boze oogjes! Put on a happy face and smile, smile, smile!
De Staargast
Ik twijfel over de Staargast. Het kan best zijn dat ook dit weer een Gast is die zich alleen in je hoofd bevindt. Vooral als je een bijzonder paranoïde bui hebt, bijvoorbeeld. Wat me tot die overtuiging brengt, is het feit dat er altijd meerdere Staargasten tegelijkertijd in het Restaurant zijn. Je hebt eigenlijk nooit 1 Staargast; het zijn er ALTIJD meer. Aan verschillende tafels. Maar goed, voor hetzelfde geld is het toeval. Misschien bestaat hij echt wel, en heeft paranoia er niets mee te maken. Misschien bezitten de Staargasten gewoon een onderlinge telepathische verbinding waardoor ze naar elkaar toe trekken op bepaalde momenten.
Goed, hoe dan ook: de Staargast. De Staargast is precies wat zijn naam zegt: een starende Gast. Niet dat ze constant achter je aanlopen, ofzo. Nee! Dat zou belachelijk zijn! Hahaha (ongemakkelijke lach). Nee, de Staargast zit gewoon op zijn plekje, samen met zijn tafelgenoten, heel normaal te genieten van zijn hapje en drankje. Bij voorkeur aan een tafel die goed zichtbaar is voor jou.
Wat de Staargast de Staargast maakt, is dat hij alleen te zien is vanuit je ooghoeken, of op een moment dat de Gast uit het beeld verdwijnt als je langsloopt en een plant of muur of wat dan ook je zicht op hem blokkeert. "Keek die meneer me aan?" denk je ongemakkelijk en je loopt even terug. Hmm, geen kijkende man. "Zal wel aan mij hebben gelegen", denk je verstrooid en je loopt door. Even later loop je weer voorbij de tafel, en wederom krijg je het gevoel dat de man naar je kijkt. Snel draai je je hoofd naar de Gast: hmm, meneer kijkt niet. Meneer eet zijn tagliatelli. Maar... ziet het er niet uit alsof hij net keek? Ja, toch? Hij doet zo onverschillig, maar je kunt gewoon ZIEN dat meneer zijn starende ogen op zijn vork heeft gericht in plaats van op jou.
Als je dit een paar keer hebt meegemaakt, bij deze en andere Gasten in het pand, begin je op te letten. En ja hoor: als je heel goed oplet, en je ogen op het goede moment de goede kant opdraait, kun je overal Gasten zien die je zitten te bekijken. Zodra ze jouw blik ontmoeten wenden hun ogen zich af en gaat de farce verder: 'nee hoor, ik ben gewoon aan het eten / aan het kletsen met mijn tafelgenoten / de kaart aan het bekijken'.
Jij weet wel beter: je wordt bekeken! Het is weer Staaravond! Dat worden weer nachtmerries vanacht...
De Valse Gast
Met 'vals' bedoel ik niet valsklinkend, of vals zingend ofzo. Nee, dan zou het wel 'De Valszingende Gast' zijn, hoewel ook in dat geval 'De Valse Gast' wel afdoende geweest zou zijn. Ik bedoel: als lezer trek je toch wel je eigen conclusie en... Goed, okee, ik drijf nu al ontzettend af. Terug naar het onderwerp: De Valse Gast.
De Valse Gast: heeeeel vervelend. Ik zal maar gewoon een voorbeeld geven, eentje die mijn collega me een aantal dagen geleden gaf.
De situatie: mijn collega komt aan tafel, en geeft de kaart aan twee net gearriveerde Gasten.
Collega: Kijkt u eens!
Gast 1: Bedankt.
Gast 2: Dank u wel! We zullen maar geen voorgerecht nemen, hè Jan?!
Gast 1 (Jan): Ehm... Ik... nou...
Gast 2 (vrouw van Jan): Nee, hahaha! Dat kun je er niet bijhebben hoor! Al die kilootjes!
Gast 1 (Jan): Ehm... Ik...nou...
Gast 2 (vrouw van Jan): Nee, je bent al veel te dik! Vind u ook niet?
De Gast wendt zich op dit moment tot mijn collega, die niet zo goed weet wat te zeggen. En begrijpelijk.
Dit is dus wat een Valse Gast doet. Je wordt betrokken in een meningsverschil of genante vraag en dient daarin uitkomst te bieden zonder onbeleefd of onvriendelijk te worden. En, nog belangrijker, je dient aan de kant van de Gast te staan, of dat nou eerlijk is of niet. Soms is het niet zozeer een vraag, aslwel een gemeen uitgelokt compliment.
In principe gaat het bij de Valse Gast meestal over het gewicht. Niet zo gek, aangezien je aan het werk bent in een pand tot de rand gevuld met voedsel. Het kan natuurlijk ook nog over andere zaken gaan, maar die zijn in principe aan de hand van onderstaande uitleg op dezelfde wijze aan te pakken.
A: het gemeen uitgelokte compliment
Voorbeeld: "Oeh, zou ik dat opkunnen? Ik ben al zo zwaar!"
Hier moet je NATUURLIJK zeggen: "Oh nee, hoor! U bent helemaal niet zwaar!"
Wat leuker is, is dit: "Nee hoor! Ik ken diverse vrachtwagens die zwaarder zijn dan u!"
B: zwartmakerij van de tafelgenoot
Voorbeeld: "Jan kan maar beter geen bitterballen nemen, hè! Is zo slecht voor hem...."
Deze is lastig. Je moet op deze manier sowieso 1 van de Gasten beledigen doordat je partij kiest. Voorkom dit door te zeggen: "Nou, ik laat u het eventjes uitvechten, en dan ben ik zo terug, goed?"
Soms is het toch leuk om een beetje te stoken (sommige Gasten verdienen dat gewoon). Je moet dan een manier verzinnen om "Hoor wie het zegt!" op een aardige manier te zeggen. Succes daarmee.
C: een niet-restaurant-gerelateerd meningsverschil
Voorbeeld: "Jan zegt dat we het beste via de binnenring naar het station kunnen rijden, maar volgens mij kunnen we beter via de buitenring! Wat denkt u!?"
In dit geval is het het beste om met een derde optie te komen. Verzin een uitermate ingewikkelde route, verkoop die als 'de kotste route' en laat de Gasten in verwarring achter.
De Nestelgast
De condities die vereist zijn voor het binnenlopen van een Nestelgast zijn de volgende:
-het is erg ERG rustig
-je hebt geen zin
-je was er al half van overtuigd dat er geen verdere gasten zouden komen
Als deze voorwaarden van toepassing zijn kun je er vrij zeker van zijn dat je een groep Nestelgasten binnenkrijgt. Een groep? Ja! Een groep! Nestelgasten houden zich op in groepen van 5 of meer en doen eigenlijk precies wat hun benaming al suggereert: nestelen.
De groep komt supervrolijk binnen (tot jouw irritatie), is eigenlijk ook superaardig (nog irritanter) en doet helemaal niet moeilijk over waar ze moeten plaatsnemen (grrrrr...). In theorie zouden dit best leuke Gasten zijn, maar de Nestelgast is een speciaal geval: hij bevindt zich eigenlijk alleen in jouw hoofd. Als je goedgehumeurd zou zijn, is een Nestelgast als elke andere Gast, maar in geval van chagrijnigheid ontvouwt hij zich als de meest vervelende gast op een feest: de plakker. En niet de gezellige soort...
De groep neemt plaats aan tafel, begint meteen ontzettend leuk te kletsen, kijkt fijn met zijn allen op de kaart en bestelt opgewekt de drankjes. Kortom: de gasten maken het zich lekker naar de zin en je kunt alleen maar met lede ogen toekijken. Deze onbedwongen gezelligheid werkt je op de zenuwen: je krijgt de indruk dat deze Gasten tot sluitingstijd gaan blijven met al hun leukigheid, fijnheid en opgewektheid. Bah! Die irritante leuke, fijne, opgewekte mensen ook!
Er is niets dat je kan doen aan Nestelgasten. Ja, misschien wel: steek even je hoofd in een emmer koud water en stel je niet zo aan! Uiteindelijk is er niets mis met mensen die met plezier in jouw restaurant uit eten gaan! Besef dat jij ook zo bent als je met je vrienden op stap bent en dat je dan ook geen zin hebt in een chagrijnige ober aan je tafel. Dus, hup! Weg met die omlaaggetrokken smoel en die boze oogjes! Put on a happy face and smile, smile, smile!
De Staargast
Ik twijfel over de Staargast. Het kan best zijn dat ook dit weer een Gast is die zich alleen in je hoofd bevindt. Vooral als je een bijzonder paranoïde bui hebt, bijvoorbeeld. Wat me tot die overtuiging brengt, is het feit dat er altijd meerdere Staargasten tegelijkertijd in het Restaurant zijn. Je hebt eigenlijk nooit 1 Staargast; het zijn er ALTIJD meer. Aan verschillende tafels. Maar goed, voor hetzelfde geld is het toeval. Misschien bestaat hij echt wel, en heeft paranoia er niets mee te maken. Misschien bezitten de Staargasten gewoon een onderlinge telepathische verbinding waardoor ze naar elkaar toe trekken op bepaalde momenten.
Goed, hoe dan ook: de Staargast. De Staargast is precies wat zijn naam zegt: een starende Gast. Niet dat ze constant achter je aanlopen, ofzo. Nee! Dat zou belachelijk zijn! Hahaha (ongemakkelijke lach). Nee, de Staargast zit gewoon op zijn plekje, samen met zijn tafelgenoten, heel normaal te genieten van zijn hapje en drankje. Bij voorkeur aan een tafel die goed zichtbaar is voor jou.
Wat de Staargast de Staargast maakt, is dat hij alleen te zien is vanuit je ooghoeken, of op een moment dat de Gast uit het beeld verdwijnt als je langsloopt en een plant of muur of wat dan ook je zicht op hem blokkeert. "Keek die meneer me aan?" denk je ongemakkelijk en je loopt even terug. Hmm, geen kijkende man. "Zal wel aan mij hebben gelegen", denk je verstrooid en je loopt door. Even later loop je weer voorbij de tafel, en wederom krijg je het gevoel dat de man naar je kijkt. Snel draai je je hoofd naar de Gast: hmm, meneer kijkt niet. Meneer eet zijn tagliatelli. Maar... ziet het er niet uit alsof hij net keek? Ja, toch? Hij doet zo onverschillig, maar je kunt gewoon ZIEN dat meneer zijn starende ogen op zijn vork heeft gericht in plaats van op jou.
Als je dit een paar keer hebt meegemaakt, bij deze en andere Gasten in het pand, begin je op te letten. En ja hoor: als je heel goed oplet, en je ogen op het goede moment de goede kant opdraait, kun je overal Gasten zien die je zitten te bekijken. Zodra ze jouw blik ontmoeten wenden hun ogen zich af en gaat de farce verder: 'nee hoor, ik ben gewoon aan het eten / aan het kletsen met mijn tafelgenoten / de kaart aan het bekijken'.
Jij weet wel beter: je wordt bekeken! Het is weer Staaravond! Dat worden weer nachtmerries vanacht...
De Valse Gast
Met 'vals' bedoel ik niet valsklinkend, of vals zingend ofzo. Nee, dan zou het wel 'De Valszingende Gast' zijn, hoewel ook in dat geval 'De Valse Gast' wel afdoende geweest zou zijn. Ik bedoel: als lezer trek je toch wel je eigen conclusie en... Goed, okee, ik drijf nu al ontzettend af. Terug naar het onderwerp: De Valse Gast.
De Valse Gast: heeeeel vervelend. Ik zal maar gewoon een voorbeeld geven, eentje die mijn collega me een aantal dagen geleden gaf.
De situatie: mijn collega komt aan tafel, en geeft de kaart aan twee net gearriveerde Gasten.
Collega: Kijkt u eens!
Gast 1: Bedankt.
Gast 2: Dank u wel! We zullen maar geen voorgerecht nemen, hè Jan?!
Gast 1 (Jan): Ehm... Ik... nou...
Gast 2 (vrouw van Jan): Nee, hahaha! Dat kun je er niet bijhebben hoor! Al die kilootjes!
Gast 1 (Jan): Ehm... Ik...nou...
Gast 2 (vrouw van Jan): Nee, je bent al veel te dik! Vind u ook niet?
De Gast wendt zich op dit moment tot mijn collega, die niet zo goed weet wat te zeggen. En begrijpelijk.
Dit is dus wat een Valse Gast doet. Je wordt betrokken in een meningsverschil of genante vraag en dient daarin uitkomst te bieden zonder onbeleefd of onvriendelijk te worden. En, nog belangrijker, je dient aan de kant van de Gast te staan, of dat nou eerlijk is of niet. Soms is het niet zozeer een vraag, aslwel een gemeen uitgelokt compliment.
In principe gaat het bij de Valse Gast meestal over het gewicht. Niet zo gek, aangezien je aan het werk bent in een pand tot de rand gevuld met voedsel. Het kan natuurlijk ook nog over andere zaken gaan, maar die zijn in principe aan de hand van onderstaande uitleg op dezelfde wijze aan te pakken.
A: het gemeen uitgelokte compliment
Voorbeeld: "Oeh, zou ik dat opkunnen? Ik ben al zo zwaar!"
Hier moet je NATUURLIJK zeggen: "Oh nee, hoor! U bent helemaal niet zwaar!"
Wat leuker is, is dit: "Nee hoor! Ik ken diverse vrachtwagens die zwaarder zijn dan u!"
B: zwartmakerij van de tafelgenoot
Voorbeeld: "Jan kan maar beter geen bitterballen nemen, hè! Is zo slecht voor hem...."
Deze is lastig. Je moet op deze manier sowieso 1 van de Gasten beledigen doordat je partij kiest. Voorkom dit door te zeggen: "Nou, ik laat u het eventjes uitvechten, en dan ben ik zo terug, goed?"
Soms is het toch leuk om een beetje te stoken (sommige Gasten verdienen dat gewoon). Je moet dan een manier verzinnen om "Hoor wie het zegt!" op een aardige manier te zeggen. Succes daarmee.
C: een niet-restaurant-gerelateerd meningsverschil
Voorbeeld: "Jan zegt dat we het beste via de binnenring naar het station kunnen rijden, maar volgens mij kunnen we beter via de buitenring! Wat denkt u!?"
In dit geval is het het beste om met een derde optie te komen. Verzin een uitermate ingewikkelde route, verkoop die als 'de kotste route' en laat de Gasten in verwarring achter.
Tuesday, August 19
Doek
Ik stond net af te wassen en... nou ja, technisch gezien stond ik af te drogen, maar dat valt natuurlijk allemaal onder 'de afwas', toch? Of slaat 'de afwas' slechts op het natte onderdeel? Hmm, nou ja... maakt niet uit, eigenlijk. Nee, wacht! Het maakt eigenlijk wèl uit voor het verhaal...
Ik was dus aan het afDROGEN en ik besefte ineens dat ik al bijna 4 jaar dezelfde theedoeken en handdoeken heb. Het begint ook wel duidelijk te worden: de doeken rafelen aan alle kanten. Hmm, is het tijd voor nieuwe handdoeken? Misschien...
Het gekke is: de handdoeken in de badkamer heb ik al TWEE keer vervangen! Is dat niet raar? Immers: de handdoeken in de badkamer worden strikt gezien veel minder gebruikt, aangezien ik er twaalf van heb. Die rotatie gaat veel harder. Je gebruikt ze sowieso voor meer dingen dan alleen jezelf, niet? Eéntje op de grond, één bij de wasbak, één drogend van een vorige douchebeurt en eentje voor het afdrogen. Soms gebruik ik er één als ik een kat moet inwikkelen bij een wel erg lastige teekverwijdering of pillentoediening. Hmm, dat brengt me op 5. Er zitten er ook altijd wel twee in de was. 7 dus. Van de 12. Waarom heb ik er eigenlijk zoveel? Raar.
Nou ja, ik heb die van de badkamer in ieder geval al vaak vervangen, en wel hierom:
Set 1:
Als eerste set had ik een combinatie van donkerblauw en crèmewit. Ik had er 6 gekregen van mijn ouders, en later heb ik er nog 6 bijgekocht, voornamelijk zodat de plank in mijn badkamerkast er wat voller uitzag. Mijn moeder had me een erg leuke VT-wonen-achtige manier laten zien van het oprollen van handdoeken, dus die heb ik tot nu toe altijd toegepast. Zo, dus:

Doordat ik een aantal van deze handdoeken te lang in de wasmachine had laten zitten (lees: twee dagen) na hun wasbeurt, waren ze gaan stinken. En je weet: als die lucht er eenmaal inzit, krijg je hem er moeilijk weer uit. Zolang ze nog droog zijn, merk je weinig, maar zodra je ze gebruikt -en ze vochtig worden- beginnen ze te stinken. Nou ja, ik heb er toch ruim twee jaar mee gedaan... Het was dus tijd voor een nieuwe set.
Set 2:
Mijn tweede set was eigenlijk een miskoop. Het leek me leuk om wat retro-achtigs te doen qua kleur, maar daar ging ik de mist in. Ik wilde die coole jaren zeventig-achtige combi krijgen en wilde eigenlijk bruin, oranje en geel hebben. Beetje dit idee zeg maar.

Heeft iets uitermate burgerlijks, toch? Heerlijk...
Tja, dat ging dus mis: in plaats van bruin -wat ze niet hadden- nam ik rood, waardoor mijn badkamer meer op een voorportaal van de hel leek, dan op een gezellig ouderweste badkamer. Toch nog een jaartje volgehouden.
Set 3:
Mijn derde -en huidige- set is lekker earthy: donkerblauw, lichterblauw, donkergrijs en groen. Lijkt een aparte combinatie, maar het werkt best wel, hoor! Ik heb deze keer ook een maat groter genomen, wat het afdrogen wat vermakkelijkt. Deze gaan nog wel even mee...
*********************************
Goed, ik vroeg me dus af waarom ik eigenlijk al zo vaak mijn badkamer-afdroog-gereedschap had vervangen en nog nooit die van de keuken en met deze onzin over mijn badkamer ben ik eigenlijk nog geen steek verder. Wat denk jij? Moet ik nieuwe keukendoeken?
Ik was dus aan het afDROGEN en ik besefte ineens dat ik al bijna 4 jaar dezelfde theedoeken en handdoeken heb. Het begint ook wel duidelijk te worden: de doeken rafelen aan alle kanten. Hmm, is het tijd voor nieuwe handdoeken? Misschien...
Het gekke is: de handdoeken in de badkamer heb ik al TWEE keer vervangen! Is dat niet raar? Immers: de handdoeken in de badkamer worden strikt gezien veel minder gebruikt, aangezien ik er twaalf van heb. Die rotatie gaat veel harder. Je gebruikt ze sowieso voor meer dingen dan alleen jezelf, niet? Eéntje op de grond, één bij de wasbak, één drogend van een vorige douchebeurt en eentje voor het afdrogen. Soms gebruik ik er één als ik een kat moet inwikkelen bij een wel erg lastige teekverwijdering of pillentoediening. Hmm, dat brengt me op 5. Er zitten er ook altijd wel twee in de was. 7 dus. Van de 12. Waarom heb ik er eigenlijk zoveel? Raar.
Nou ja, ik heb die van de badkamer in ieder geval al vaak vervangen, en wel hierom:
LET OP: NU VOLGT EEN VRIJ ZIJ-IGE OPSOMMING VAN KLEURTJES, TEXTUUR EN MODIEUZE OPROLMETHODES. VOOR LEZERS MET WEINIG INTERESSE HIERIN VERWIJS IK NAAR HET AFSLUITENDE DEEL VAN DEZE BLOG ONDER DE STERRETJESLIJN.
Set 1:
Als eerste set had ik een combinatie van donkerblauw en crèmewit. Ik had er 6 gekregen van mijn ouders, en later heb ik er nog 6 bijgekocht, voornamelijk zodat de plank in mijn badkamerkast er wat voller uitzag. Mijn moeder had me een erg leuke VT-wonen-achtige manier laten zien van het oprollen van handdoeken, dus die heb ik tot nu toe altijd toegepast. Zo, dus:

Doordat ik een aantal van deze handdoeken te lang in de wasmachine had laten zitten (lees: twee dagen) na hun wasbeurt, waren ze gaan stinken. En je weet: als die lucht er eenmaal inzit, krijg je hem er moeilijk weer uit. Zolang ze nog droog zijn, merk je weinig, maar zodra je ze gebruikt -en ze vochtig worden- beginnen ze te stinken. Nou ja, ik heb er toch ruim twee jaar mee gedaan... Het was dus tijd voor een nieuwe set.
Set 2:
Mijn tweede set was eigenlijk een miskoop. Het leek me leuk om wat retro-achtigs te doen qua kleur, maar daar ging ik de mist in. Ik wilde die coole jaren zeventig-achtige combi krijgen en wilde eigenlijk bruin, oranje en geel hebben. Beetje dit idee zeg maar.

Heeft iets uitermate burgerlijks, toch? Heerlijk...
Tja, dat ging dus mis: in plaats van bruin -wat ze niet hadden- nam ik rood, waardoor mijn badkamer meer op een voorportaal van de hel leek, dan op een gezellig ouderweste badkamer. Toch nog een jaartje volgehouden.
Set 3:
Mijn derde -en huidige- set is lekker earthy: donkerblauw, lichterblauw, donkergrijs en groen. Lijkt een aparte combinatie, maar het werkt best wel, hoor! Ik heb deze keer ook een maat groter genomen, wat het afdrogen wat vermakkelijkt. Deze gaan nog wel even mee...
*********************************
Goed, ik vroeg me dus af waarom ik eigenlijk al zo vaak mijn badkamer-afdroog-gereedschap had vervangen en nog nooit die van de keuken en met deze onzin over mijn badkamer ben ik eigenlijk nog geen steek verder. Wat denk jij? Moet ik nieuwe keukendoeken?
Thursday, August 14
Recensie no. 05
Jaaaa, het is weer zover! Heb eindelijk weer eens een recensie geschreven! Bekijk hem HIER.
Monday, August 11
Amsterdam & De Grote Boodschap # 18
Vandaag ging ik weer eens naar Amsterdam voor een persvoorstelling. Ik had mezelf drie kwartier toegestaan voor het rijden: kort voor mijn doen! Ik had echter zo'n vertrouwen in mijn alternatieve route (moet tussendoor want de S116 is afgesloten) dat ik dacht dat ik het wel zou redden. Alles ging goed: ik was zo door Bussum heen (moest via Bussum, want de weg naar de A1 via H'sum is OOK al afgesloten, grrr) en belandde vlotjes op de A1. Het verkeer reed lekker door en het was niet al te druk, dus ik was al trots op mezelf: 'Goed zo, Wouter! Zie je wel dat je niet drie uur van tevoren hoeft te vertrekken?'
En toen sloeg het (eerste) noodlot toe: de brug was dicht. Of open. Of hoe dat ook heet. Hij was in ieder geval gesloten voor mij en geopend voor boten. Nou ja, hoe dan ook: ik kon niet verder. Ik zal de discussies over een open of gesloten brug maar overlaten aan Marc Marie Huijbrechts.
Ik stond dus tien minuten stil voor de brug. Fijn. Ik durfde niet te kijken hoe laat het was, uit angst een tijd te zien die ik niet wilde zien en zat naar de in de verte voorbijkomende masten te kijken. Eindelijk, EINDELIJK mochten we verderrijden en durfde ik dan toch maar een blik te werpen op de klok. Opluchting golfde door me heen: ik had nog 25 minuten!! Gelukkig maar, zeg!
Ik reed snel de Ring op, nam de afslag S115 en volgde de route die ik had uitgestippeld zonder problemen. Tenminste, dat dacht ik. Toen ik na een paar afslagen naar links en rechts nog steeds de juiste straatnamen op de bordjes zag, werd ik overmoedig: innerlijk feliciteerde ik mezelf met mijn uitstekende richtings- en kaartgevoel.
En toen reed ik verkeerd.
Ik heb het volgende halfuur aansluitend gedraaid, gezocht en gevloekt en uiteindelijk kwam ik op de één of andere manier op de S116 uit. Die eigenlijk afgesloten moest zijn.
Dat was hij dus niet en mopperend vervolgde ik de vertrouwde route naar Pand Noord, waar de persvoorstelling werd vertoond. Ik rende van de parkeerplaats naar binnen en sloop de donkere zaal in. Gelukkig had ik maar een paar minuten gemist, maar reken maar dat ik de volgende keer weer drie uur van tevoren vertrek!
***
Toen de film was afgelopen, besloot ik boodschappen te doen in de nabij gelegen Dirk. Ik bedoel: ik was er nu toch? Ik liep dus richting winkel en tijdens mijn korte tochtje naar de schuifdeuren besloop me een raar gevoel: wat was dit voor buurt? Wat waren dit voor typische mensen? Vóór me liep een man in korte broek met extreem behaarde benen en een dik bebaard gezicht. Hij glimlachtte naar iedereen die hij aankeek en hij was degene die me bij de schuifdeuren voorging. Ik werd nog bijna omver gelopen door een soort enorme dokwerker-achtige Latino met een bandana om zijn hoofd, die vanuit zijn overall luidkeels met zijn sprieterige, hoerige hoogblonde vriendin praatte.
In de winkels sprongen de tranen me bijna in de ogen: dit was te mooi om waar te zijn. In deze winkel zou ik materiaal kunnen opdoen voor wel 20 Grote Boodschappen! Ik besloot mijn ogen goed de kost te geven en liep wat rondjes door de supermarkt. Een vrouw met een uitgezakt hondengezicht keek me dreigend aan toen ik per ongeluk tegen haar wagentje stootte. Misschien niet zo gek dat ik dat deed, want ik was gefascineerd door een vrouw aan de andere kant van het gangpad. Gekleed in een ultrakort minirokje en een niets verhullend topje laveerde ze van kant tot kant. Een enorme zwiepende leren jas hing om haar schouders. Was dit... een prostituee? Ik kon geen enkele andere reden bedenken voor haar uitdagende kledij.
Iemand anders trok alweer mijn aandacht. Had die man daar een kurketrekker in zijn oor? En daar, die vrouw: had zij echt een jaren zeventig vaalgeel broekpak aan? Wauw!
Ik sloot uiteindelijk, na een halfuurtje mijn ogen uitkijken, aan bij de kassa en wachtte tot de schele caissiere (ze heette Ilse volgens haar naamplaatje) me zou helpen. Toen ik aan de beurt was zei ze me met lage stem "Hallo-o-o-o..." tegen me. Even keek ik haar nog wat langer aan. Was Schele Ilse een man? Ja hoor... haar Dirk-blousje kon een adamsappel niet verhullen.
Toen ik buiten was, en aan Ilse's scheve ogen dacht (en een fietsende, besnorde dwerg ontweek), besefte ik ineens dat ik juist degene was die scheef was in deze supermarkt. Ik moet wel een vreselijke kakker geweest zijn met mijn polootje en geruite broek...
Deze supermarkt verdient nog een bezoekje...
En toen sloeg het (eerste) noodlot toe: de brug was dicht. Of open. Of hoe dat ook heet. Hij was in ieder geval gesloten voor mij en geopend voor boten. Nou ja, hoe dan ook: ik kon niet verder. Ik zal de discussies over een open of gesloten brug maar overlaten aan Marc Marie Huijbrechts.
Ik stond dus tien minuten stil voor de brug. Fijn. Ik durfde niet te kijken hoe laat het was, uit angst een tijd te zien die ik niet wilde zien en zat naar de in de verte voorbijkomende masten te kijken. Eindelijk, EINDELIJK mochten we verderrijden en durfde ik dan toch maar een blik te werpen op de klok. Opluchting golfde door me heen: ik had nog 25 minuten!! Gelukkig maar, zeg!
Ik reed snel de Ring op, nam de afslag S115 en volgde de route die ik had uitgestippeld zonder problemen. Tenminste, dat dacht ik. Toen ik na een paar afslagen naar links en rechts nog steeds de juiste straatnamen op de bordjes zag, werd ik overmoedig: innerlijk feliciteerde ik mezelf met mijn uitstekende richtings- en kaartgevoel.
En toen reed ik verkeerd.
Ik heb het volgende halfuur aansluitend gedraaid, gezocht en gevloekt en uiteindelijk kwam ik op de één of andere manier op de S116 uit. Die eigenlijk afgesloten moest zijn.
Dat was hij dus niet en mopperend vervolgde ik de vertrouwde route naar Pand Noord, waar de persvoorstelling werd vertoond. Ik rende van de parkeerplaats naar binnen en sloop de donkere zaal in. Gelukkig had ik maar een paar minuten gemist, maar reken maar dat ik de volgende keer weer drie uur van tevoren vertrek!
***
Toen de film was afgelopen, besloot ik boodschappen te doen in de nabij gelegen Dirk. Ik bedoel: ik was er nu toch? Ik liep dus richting winkel en tijdens mijn korte tochtje naar de schuifdeuren besloop me een raar gevoel: wat was dit voor buurt? Wat waren dit voor typische mensen? Vóór me liep een man in korte broek met extreem behaarde benen en een dik bebaard gezicht. Hij glimlachtte naar iedereen die hij aankeek en hij was degene die me bij de schuifdeuren voorging. Ik werd nog bijna omver gelopen door een soort enorme dokwerker-achtige Latino met een bandana om zijn hoofd, die vanuit zijn overall luidkeels met zijn sprieterige, hoerige hoogblonde vriendin praatte.
In de winkels sprongen de tranen me bijna in de ogen: dit was te mooi om waar te zijn. In deze winkel zou ik materiaal kunnen opdoen voor wel 20 Grote Boodschappen! Ik besloot mijn ogen goed de kost te geven en liep wat rondjes door de supermarkt. Een vrouw met een uitgezakt hondengezicht keek me dreigend aan toen ik per ongeluk tegen haar wagentje stootte. Misschien niet zo gek dat ik dat deed, want ik was gefascineerd door een vrouw aan de andere kant van het gangpad. Gekleed in een ultrakort minirokje en een niets verhullend topje laveerde ze van kant tot kant. Een enorme zwiepende leren jas hing om haar schouders. Was dit... een prostituee? Ik kon geen enkele andere reden bedenken voor haar uitdagende kledij.
Iemand anders trok alweer mijn aandacht. Had die man daar een kurketrekker in zijn oor? En daar, die vrouw: had zij echt een jaren zeventig vaalgeel broekpak aan? Wauw!
Ik sloot uiteindelijk, na een halfuurtje mijn ogen uitkijken, aan bij de kassa en wachtte tot de schele caissiere (ze heette Ilse volgens haar naamplaatje) me zou helpen. Toen ik aan de beurt was zei ze me met lage stem "Hallo-o-o-o..." tegen me. Even keek ik haar nog wat langer aan. Was Schele Ilse een man? Ja hoor... haar Dirk-blousje kon een adamsappel niet verhullen.
Toen ik buiten was, en aan Ilse's scheve ogen dacht (en een fietsende, besnorde dwerg ontweek), besefte ik ineens dat ik juist degene was die scheef was in deze supermarkt. Ik moet wel een vreselijke kakker geweest zijn met mijn polootje en geruite broek...
Deze supermarkt verdient nog een bezoekje...
Subscribe to:
Posts (Atom)

